Stemmen is zo veel meer dan een bolletje inkleuren!
Met dit stappenplan hoef je je daarover alvast geen zorgen meer te maken:

  • Ongeveer twee weken voor de verkiezingen ontvang je op je domicilieadres je oproepingsbrief. Daarop staat in welk stemlokaal je moet gaan stemmen en hoe lang dat lokaal open is. Je kan niet ergens anders of op een ander tijdstip gaan stemmen. Als je in het buitenland bent of ziek bent, kan je iemand uit dezelfde gemeente een volmacht geven.
  • In het stemlokaal zullen ze je registreren met je identiteitskaart en je oproepingsbrief. Niet vergeten dus!
  • Na het registreren krijg je een chipkaart. Daarna ga je het stemhokje in, waar je de chipkaart in de stemcomputer steekt.
  • Selecteer je taal op het computerscherm.
  • Daarna selecteer je de partij waarvoor je je stem wil uitbrengen.
  • Je stemt op één partij of op één of meerdere kandidaten van dezelfde partij.
    • Als je akkoord gaat met de volgorde van de kandidaten, dan stem je op de partij door het bolletje bovenaan te kleuren.
    • Als je graag bepaalde kandidaten een extra duwtje in de rug geeft, dan kan je het bolletje naast hun naam kleuren.
  • Superhandig: met een stemcomputer kan je niet ongeldig stemmen.
  • Als je je stem bevestigd hebt, drukt de computer een stembiljet af. Dat vouw je op met de bedrukte kant naar binnen.
  • Je chipkaart geef je aan de medewerkers van het stemlokaal, je stembiljet scan je in en stop je in de stembus.

Zo, nu weet je hoe het eraan toe gaat in het stemlokaal. Nu kan je rustig je tijd nemen om te beslissen welke partij of kandidaat jouw stem krijgt.